‘Afghanistan was de wip van ons leven’ / Impressie van De Hollanders

door MEREL ZUIDERDUIN


Acht vierdejaars studenten van de Amsterdamse toneelschool hadden het lef Arnon Grunberg te vragen een tekst voor hun afstudeervoorstelling te schrijven. ‘We wilden zo hoog mogelijk inzetten,’ zegt Thijs Piers, een van de acteurs tijdens een voorgesprek. Wie niet waagt wie niet wint, want Grunberg zei ja, en nu is hun voorstelling De Hollanders, die gaat over Nederlandse soldaten in Afghanistan, te zien als openingsvoorstelling van het ITs.

Joyce Roodnat interviewt Piers, Grunberg en regisseur Gerardjan Reijnders. Aan een klein tafeltje in een klein zaaltje (De Kleine Komedie) zitten de vier knus met elkaar te lantefanteren over hoe de voorstelling tot stand kwam. Dit verhaal kennen we al, dus andere dingen trekken de aandacht. Zoals hoe klein Grunberg eigenlijk is en hoe de knalrode trui van Reijnders vloekt met het bordeauxrode achterdoek en het bloedrode tasje van Roodnat. Rode bedoening hier.

Dan komen de interessante verhalen. Grunberg vertelt over zijn inspiratiebronnen, bijvoorbeeld de zin die een militair ooit tegen hem uitsprak: “Afghanistan was de wip van mijn leven, maar toen ik terug kwam had ik AIDS.” Vervolgens legt hij uit hoe menig militair uit uitzending elkaar ‘swaffelt’ als ‘vriendendienst’.

Toch ontstaat er een behoorlijk zwaar beeld van de voorstelling. Reijnders benadrukt wat voor ‘bak’ de tekst eigenlijk is, en hoe hij zelfs een tekstpolitie in het leven had geroepen om ervoor te zorgen dat iedere herhaling op de exact juiste manier gezegd zou worden.

Al in de eerste scène van De Hollanders wordt afbreuk gedaan aan dit zware beeld, door de typische Grunberg humor.

Twee jongens in legerbroek met kisten eronder staan wat knullig voor de deur van de vader van hun overleden kompaan. In de handen van de één een rode Dirk-tas. Ze komen Dennis zijn ‘spulletjes’ terugbrengen: een niet gewassen T-shirt en een Sudoku-boekje. Vader is een typische PVV-stemmer die alleen maar kan praten over wat er mis is met dit land. Toch durven de jongens geen nee te zeggen tegen zijn uitnodiging om binnen onder het genot van een biertje naar de zoveelste nationale voetbalwedstrijd te komen kijken. ‘Cruijf is geen Geert!’- zo blijkt het eindoordeel.

De voorstelling is fragmentarisch. Korte scènes die allemaal met elkaar in verband staan via Thomas, een teruggekeerde ex-militair, die moeite heeft met het verwerken van zijn oorlogstrauma. De sleutelscène speelt zich af in Afghanistan en laat zien hoe Thomas en zijn metgezel Thijs een Afghaanse vrouw vernederen, mishandelen en uiteindelijk verkrachten. Terwijl Thijs bevelen schreeuwt, klaagt Thomas over de hitte en het stof in zijn anus en zijn pik.

‘Mis jij het wel eens, daar?” vraagt hij aan Thijs, als ze weer terug zijn in Nederland. “Soms, jij?” – “Soms” – “Wat mis je het meeste?” – “Het stof, de hitte” -“Afghanistan was de wip van ons leven.”

De twee zoenen plotseling, waarna Thomas zichzelf door zijn mond schiet. Dit was een mooi einde geweest, maar we moeten ook zijn bizarre begrafenis nog meemaken. Bloot en zingend komt hij samen met twee andere blote jongens uit een doodskist, terwijl de dames er in militaire pakjes naast staan en meezingen. Het Grunberg universum is compleet.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s