Interview met Floris Visser, regisseur van La voix humaine

Sarah Vankersschaever

Interview met Floris Visser, regisseur van La voix humaine


Het is maandagavond en de regisseur Floris Visser ploft uitgelaten naast me neer. De première van zijn enscenering van La voix humaine, een monoloog geschreven in 1927 door Jean Cocteau, is zonet op het ITS-festival in Amsterdam onthaald met een staande ovatie. Reden genoeg voor een nagesprek.

 

Sarah: Ik was aangenaam verrast dat je Jean Cocteaus La voix humaine, een theatertekst die destijds op muziek werd gezet door Francis Poulenc, anno 2009 opnieuw als een opera ensceneerde. Vond je in de tekst van Cocteau geen stof voor een theaterstuk?

Floris: Opera is per definitie muziektheater dus het een hoeft het ander niet uit te sluiten. Over het belang van muziek en theater kun je natuurlijk eindeloze discussies voeren. De componist Antonio Salieri zei: ‘Prima la musica e poi le parole’. Ik ben het met hem eens: alles begint bij een goed libretto. Als dat goed wordt uitgevoerd, is opera de mooiste kunst die er bestaat.

La voix humaine is met haar vele stiltes en aarzelingen nochtans geen evident stuk om te regisseren.

Dat klopt maar ik voelde dat ik dit stuk moest doen. Het klinkt zweverig maar ik heb de indruk dat de stukken jou kiezen op het moment dat de tijd daar rijp voor is. Dat betekent niet dat het allemaal van een leien dakje liep. We zijn anderhalve maand bezig geweest met het duiden van de meer dan vierhonderd punten en komma’s in de monoloog. In die stiltes ligt immers de stem van de man die niet op scène te zien is.

Je hield het erg sober met één sopraan en één pianiste?

Poulenc schreef zijn libretto voor een orkest maar hij componeerde het achter zijn piano. Het mooie aan zijn muziek is dat er veel invloeden in doorklinken: je hoort Wagner, Debussy en Prokofiev. Poulenc was een autodidact en dat maakt zijn muziek zo toegankelijk, hoewel je het zeker niet als eenvoudig moet afdoen.

Vind je Francis Poulencs interpretatie hoopvol of eerder fatalistisch?

Ik ken zijn muziek erg goed want ik heb al vaak met zijn liederen gewerkt en hij heeft enkele leidmotieven, net zoals Wagner die heeft. Als je die hoort voorbijkomen dan weet je waar hij je naartoe voert. En dat is niet altijd naar de meest idyllische plek. In La voix humaine weerklinkt dus weinig hoop.

Hoe ben je bij de sopraan Deirdre Agnenent terechtgekomen?

Deirdre zit in de masteropleiding van de conservatoria van Amsterdam en Den Haag. Toen ik haar koos, verklaarde iedereen me gek want het stuk is voor een veel oudere sopraan geschreven. Deirdre is pas 24.

La voix humaine is wel een erg zwaar stuk voor zo’n jonge sopraan?

Ze was geknipt voor de rol want hoewel ze pas 24 is, heeft ze een oude ziel. Bovendien is La voix humaine een diepmenselijk stuk waarin iedereen zich herkent. Het gaat over de donkere kant van de liefde, namelijk de pijn en het afscheid. Het liefdesverdriet van die vrouw twijfelt voortdurend tussen suïcidaal en hoopvol.

Ondanks die treurnis laat je de vrouw geen zelfmoord plegen?

Ik wilde het liefdesverdriet tonen zoals het is: als een rouwproces. Je boetseert je leven rond een geliefde en dan trekt die zich plots terug. Het maakt liefdesverdriet eindelozer dan het verdriet om een overledene. De persoon is immers volop bezig een nieuw bestaan op te bouwen zonder jou. De enige reden waarom de man in La voix humaine instemt met een laatste telefoongesprek is omdat hij haar dood niet op zijn geweten wil hebben.

De vrouw vindt geen troost bij de man die ze liefheeft. Vindt ze troost in de muziek?

We hebben lang gediscussieerd over de vraag ‘is de muziek de stem van de man?’. Maar neen, dat is ze niet. Zijn stem zit in de stilte en de aarzeling. Ik heb Mirsa (Adami, de pianiste, sv) moeten overtuigen dat ze soms tien seconden niet mag spelen. Voor een muzikant is één seconde al een eeuwigheid dus die tien seconden waren ondraaglijk.

Wat zijn je volgende plannen?

Twee opera’s: we zijn druk bezig met Agrippina van Händel voor de Koninklijke Schouwburg van Den Haag en daarna doe ik de laatste opera van Mozart, La Clemenza di Tito.

La voix humaine week af van mijn parcours omdat het een veel persoonlijker stuk is. Deze opera krabt wondjes open waarvan mensen dachten dat er korstjes op zaten. We zien en voelen de tragiek van wat niet meer is en de moeite die het vraagt om dat te accepteren. Iemand zei me ooit: ‘Liefde is wennen aan het ondraaglijke’. Dat is waar dit stuk over gaat.

La voix humaine, gezien op het ITS-Festival in Amsterdam op 22 juni 2009. Regie: Floris Visser. Sopraan: Deirdre Angenent. Piano: Mirsa Adami. Muziek: Francis Poulenc.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s